Follow by Email

zaterdag 29 september 2012

Dr Hans Karl Becker


Onze oproep over de publicaties van Becker aan onze Duitse kameraden in speleoland heeft een mooi resultaat gekregen. Van Gerhard Stein kregen we het volgende mailtje:

Hans Karl Becker was the president of the "Verein für Höhlenkunde in Frankfurt am Main" from 1922 (the founding of this club) to the end (due to the political system in Germany) in 1937/1938.

In World War I, Hans Karl Becker was "Heeresgeologe" (this means something like military geologist") in Belgium and visited some Caves there.

The whole collection of caving books, papers and surveys of Hans Karl Becker were lost in World War 2, when the house of Hans Karl Becker in Frankfurt burned down in 1944, like the whole city of Frankfurt. So today we have no more of the original surveys.

But in my collection (Höhlenkataster Hessen) I have copies of a lot of the publications from Hans Karl Becker. I will sent you the scans of:
-  Die alten Höhlenflüsse der Lomme und Lesse. Published in "Speläologisches Jahrbuch 1923"
-  Kleiner Leitfaden der Höhlenkunde, Frankfurt am Main 1923 (also published in a  reprint in 1985 by the "Höhlenforschergruppe Rhein-Main") I will sent you a copy of the reprint.

There is also an other publication "Leitfaden der Höhlenkunde" by Hans Karl Becker. It has more pages then the "Kleiner Leitfaden", but the text about the caves in Belgium is the same as in the "Kleiner Leitfaden".

Both works "Leitfaden der Höhlenkunde" and "Kleiner Leitfaden der Höhlenkunde" were - due to the times (in 1923 the club had no money for printing a book) - multiplied with typewriters! And also the included surveys were copied by hand and do not look like "real" surveys. All other surveys are lost...

Gerhard Stein

Ik heb de tekst en tekeningen in een aparte pagina op dit blog gezet. Je kunt ernaartoe via de link: Dr Hans Karl Becker, links boven aan deze pagina.
Hieronder alleen zijn topo van de Nou Maulin, getekend tijdens zijn dienstverband in 1918.

topo Dr. Hans Karl Becker published in 1923




woensdag 19 september 2012

Van oude en nieuwe topo's

Hoewel de topo nog niet af is, krijgen we wel hoe langer hoe meer zicht op het geheel.
De meeste oude topo's hebben we inmiddels wel achterhaald of ingezien. Ik heb ze bijna allemaal op het blog gezet, onderaan de blogberichten.
Er zijn niet veel grotten die vaker getopografeerd zijn dan de Nou Maulin heb ik de indruk.
Wij zijn bezig met topo nummer zestien!

De enige kaart die ik nog niet heb weten te vinden is een referentie uit de AKWA, namelijk die in een Duitse publicatie: 
BECKER, Dr. Hans Karl. Die alten Höhlenflüsse der Lomme und Lesse. 
Of wellicht uit de andere referentie:
BECKER, Dr. Hans Karl. Kleiner Leitfaden der Höhlenkunde. Verlag des Vereins für
Höhlenkunde - Frankfurt am Main, extrait: 35 pp.
De topo zou  van 1918 zijn, wat nogal vroeg is, dus de kans is groot dat deze Becker de 
topo uit Van Den Broek, Martel, Rahir overgenomen heeft.
Dus als iemand een bibliotheek weet waar deze publicaties zich bevinden, dan hou ik me
aanbevolen.
 
Binnenkort op 6 en 7 oktober:
 Le SCR, La Calestienne et les Fistuleuses vous proposent
Journées Nationales de le Spéléologie
Voor dit evenement zullen wij onze voorlopige topo meenemen, zodat bij de presentatie bij de ingang van de Nou Maulin iedereen van de voorlopige resultaten kan kennisnemen.
Tot dan!

dinsdag 11 september 2012

Nieuwe technieken


 

Terug van weggeweest, letterlijk want Erik en Lisette zijn in de Dachstein wezen grotten, Jos was ook in Oostenrijk, en ik in de Pyreneeën. Daardoor hebben we ons project een beetje verwaarloosd, maar dat hebben we dit weekend goedgemaakt. Prachtig nazomerweer en de Spingbalsemien staat nog in volle glorie in de grotingang.

Topo en explo. Het mysterie van de Nou Maulin blijft ons bezig houden. Maar ook omdat de topo het vereist moeten we alle schoorstenen in de Salle de Bivouac eens grondig onder handen nemen. Een mooie kans dus om alles goed na te lopen.
Twee maanden terug hebben we een stukje blokkenstort in kaart gebracht dat Marc ons gewezen had, maar de rest van de blokkenstort aan die kant was nog niet helemaal geschetst, dus wisten we niet waar we in verhouding met de rest zaten. Jos en Lisette nemen die taak op zich terwijl Erik en ik de schoorstenen onder handen namen. Na die klus geklaard te hebben komen ze naar ons toe om de schoorstenen mee te onderzoeken en te topograferen.
In ons 3D model in Therion kun je mooi uitrekenen hoever sommige gangen bij elkaar vandaan liggen. 11 meter vertikaal en 24 meter horizontaal is de staalkabel boven de Benetier 'slechts' verwijderd van de onderkant van de Souffleur. Erik leidt en klimt gebruik makend van de in ongebruik geraakte lasso techniek 'vang een pierk'. Het levert hem de bijnaam cowboy Erik op. We zullen dit weekend meer old school technieken inzetten, maar we zijn ook heel blij met ons moderne supplement, de Hilti.


Als Erik boven aan de eerste schoorsteen komt hoor ik juichende mededelingen over een gang die horizontaal vertrekt, maar onze verwachtingen worden natuurlijk onmiddellijk getemperd door de vondst van diverse haken in de wand. Natuurlijk zijn hier eerder mensen geweest, dat ligt voor de hand, maar wellicht hebben ze met de technieken van toen toch iets laten liggen.

drie generaties haken
We kruipen het gangetje in en zien onder ons een gat dat terug loopt naar waar we vandaan komen. Een paar meter verder begint een nieuw putje. We dalen het af en het brengt ons terug op niveau van de staalkabel, vlak bij de eerste steenbrug. Ook dat was eigenlijk voorspelbaar. We nemen ons voor om de volgende keer eerst de makkelijkst ogende klim te nemen i.p.v. de eerste klim. Hoewel het geen vervolg geeft,  levert de klim de locatie op van een gangetje op de topo van Vandersleyen, waarvan het altijd onduidelijk was waar dat nou precies moest zijn.

Zo werken we de een na de andere 'schoorsteen' af. Met andere woorden, we klimmen overal waar het kan naar boven om te zien of het ergens naar toe gaat, of zou kunnen gaan.  En weer zetten we old school halve mastworp zekeringen, voorklim- en afdaaltechnieken in. Alleen Dulfer slaan we over.

Onze laatste klim dan de zaterdag zit vlak boven de sifon naar de blokkenstort. Het is een schuin omhoog lopende helling die er verraderlijk makkelijk uitziet, maar gladde steen en modder worden een bijna onoverkomelijke hindernis zonder suppletiemiddelen. Gelukkig is onze voorraad ijzerwaren onuitputtelijk. (Raar woord in deze context).

Als Erik boven is, ga ik door het 'sifon' (dat alleen tijdens overstromingen een sifon is) naar de blokkenstort. Ik klim een stukje omhoog en hoor Erik's stem al snel. Even later kunnen we elkaar al zien. Passage door deze blokken is precair. Als je een steen weg haalt stort de hele boel in elkaar. Het ligt nu al wiebelig, afblijven is het devies. Toch is het niet ondenkbaar dat hier een passage is geweest, ooit. Zou dat dan de Franse route zijn geweest? Het is de hoogste tijd dat we die mannen van vroeger opsporen en ze eens stevig aan de tand voelen.

old school spantechniek

Het meest veelbelovende schoorsteentje hebben we laten liggen voor vandaag. Zondag is er nog een dag en om 20.00 u staan we weer buiten om ons als de wiedeweerga naar Han te bewegen. Want daar schenken ze het bier met de kleur van sifonwater.
Dit weekend is er ook een paddestoelententoonstelling in de kelder van de Gite. Loran en zijn kornuiten van de mycologische vereniging hebben het bos 'leeggehaald' om alle soorten die er momenteel staan mooi uit te stallen.

de ingangspassage blijft qua vorm zeer fotogeniek

En nu maar hopen dat die mol een zwemdiploma heeft

onze toporobot Jos

cowboy Erik
Onze laatste schoorsteen levert weer een paar euforische momenten op. Het peuterschepje van Jos bewijst goede diensten. Erik graaft zich stapsgewijs de modderhelling omhoog. Boven gekomen vind hij inscripties in de wand. Iemand heeft een moeilijk te ontcijferen naam in de rots gebeiteld. Onduidelijk wie. Jean Marie?  Er volgt nog een tweede pijpje omhoog, waar een horizontaal spleetje een beetje tocht geeft uit twee kleine gaatjes in massieve rots. Maar ja, waar in deze grot tocht het eigenlijk niet?
Hierboven is nog een klein klimmetje en er is zelfs een minikamertje waar je met twee kunt zitten. Het is aan een zijde mooi wit gecalcificeerd. Alle andere kanten zijn gevuld met sedimentaire lagen klei. Hier heeft iemand al eens flink zitten graven. Ook hier een flauwe tocht maar die wordt op zeer mysterieuze wijze in de klei geabsorbeerd. Misschien is het onze eigen lichaamswarmte wel die de luchtstroming veroorzaakt.

het tweede deel van de schoorsteen omhoog
wie kan dit ontcijferen?

cowboy Marcel